Schilderwerken in de Mechelse Stadsschouwburg
​​​​​​​
De kleurrijke verflagen van de Stadsschouwburg dateren van de laatste restauratie uit 1998-2000, maar zijn een herneming van de afwerking uit het begin van de twintigste eeuw. Er was waterschade en de kleuren werden steeds doffer. Vanaf nu en tot en met eind september zal de schade in de vestiaire en de vestibule hersteld worden. Vervolgens krijgen de wanden en deuren een nieuw likje verf. 
In 1917-1919 werd het interieur van het gebouw volledig herzien in neostijl. Het huidige uitzicht van muren, plafonds, vloeren, inrichting, meubilair, binnen- en buitenschrijnwerk dateren nog bijna volledig uit die tijd. Het kleurrijke meubel in de vestiaire werd toegevoegd bij de restauratie van 1998 tot 2000.

 “Het interieur van de vestiaire en de vestibule van de Mechelse schouwburg toont mooi hoe de aankleding eruitzag in het begin van de 20ste eeuw. De vloer is afgewerkt met marmermozaïek met natuurstenen plinten. De wanden en de plafonds hebben decoratief stucwerk. Het geheel is geschilderd in verschillende kleuren,” zegt Koen Anciaux, de schepen van Monumenten. “de ontvangsthal had al een hele tijd vochtschade aan de muren. We gaan nu al deze losse delen laten behandelen en de wanden opnieuw hun sprankelende kleuren teruggeven.” 

Het herstel en de schilderwerken worden uitgevoerd in opdracht van AGB MAC en worden gecoördineerd door de dienst monumentenzorg. De werken zijn nu van start gegaan en lopen tot eind september 2019. De totale kostprijs bedraagt €34.314,03 (excl. btw), zijnde €41.519,98 (incl. btw). Hiervoor voorziet de Vlaamse Overheid een erfgoedpremie van €17.500. De premie werd toegekend op 18 juni 2019. “Deze investeringen in onze historische gebouwen zijn belangrijk voor de culturele uitstraling van onze stad,” aldus Koen Anciaux.
 
“Bij een kwalitatief aanbod hoort een kwalitatieve omkadering. 20 jaar later frissen we onze veel gebruikte Stadsschouwburg opnieuw op”, zegt schepen van Cultuur Björn Siffer.
 
Kleurrijk verleden 
 
Ter hoogte van de huidige stadsschouwburg stond aanvankelijk het Hof van Kamerijk van bisschop Jan VI van Bourgondië. Maar de meest glorierijke geschiedenis van de site begint bij Margareta van York. Na de dood van haar echtgenoot, Karel de Stoute (Dijon 1433 - Nancy 1477), koos ze Mechelen als residentiestad. Ze  verbouwde het Hof van Kamerijk tot een omvangrijk paleis dat het volledige bouwblok omvatte. De restanten van het paleis dienden vanaf de zeventiende eeuw als jezuïetenklooster. Al in 1618 verbouwden zij  de voormalige ontvangstzaal van Margareta om tot toneelzaal. Ze  besloten om de zaal om te vormen tot een volwaardige zaal met toneelpodium en balkon, gereserveerd voor de kerkelijke en wereldlijke overheid. Vanaf het laatste kwart van de negentiende eeuw werd het definitief de ‘Stadsschouwburg van Mechelen’.
  
“In september zullen de grootste schilderwerken af zijn en zijn we meteen klaar voor de start van het nieuwe culturele seizoen”, besluit de schepen van Cultuur.